Selecteer een pagina

Anderhalvelijnszorg krijgt in steeds meer gemeentes in Nederland vorm. Naast de eerstelijnszorg  zoals de huisarts, apotheek en tandarts is er de tweedelijnszorg in ziekenhuizen waar specialistische hulp geboden wordt. Bij anderhalvelijnszorg is het idee om een deel van de minder complexe specialistische zorg naar de eerstelijnszorg te brengen.

Barneveld heeft de ambitie om te groeien in de komende jaren van 55.000 inwoners naar 70.000 inwoners. Dat betekent concreet dat een vergrijzing van onze gemeente tegen gegaan kan worden. Echter het aantal ouderen neemt in aantal toch toe.  De gemeente gaat bij zorg taken uit van eigen kracht en verantwoordelijkheid van de inwoners. Daarmee zal de zorg thuis en dichtbij huis steeds belangrijker  gaan worden. Verzorgingstehuizen zullen zichzelf op termijn overbodig maken en de inzet van mantelzorgers zal steeds meer toenemen.

Eerstelijnszorg van huisartsen, apothekers en tandartsen is ruim voldoende aanwezig in Barneveld. Voor de tweedelijnszorg van specialistische hulp in ziekenhuizen moet men ofwel naar Amersfoort of naar Ede reizen. Die reistijden zijn met name voor de oudere inwoners een belemmering, zij beschikken immers niet altijd over vervoermiddelen en moeten meer gebruik maken van openbaar vervoer en tegenwoordig kan dat ook via Automaatje van Welzijn Barneveld. Wanneer nu een deel van de minder complexe specialistische hulp naar Barneveld gebracht kan worden heeft dat voordelen voor de inwoners van onze gemeente. Voor scans en kleine onderzoeken, voor diagnoses en adviezen kan men terecht bij de specialist die één of meer dagen per week in Barneveld aanwezig is. Zorg dichtbij is gemakkelijk en kostenbesparend voor de patiënt en is minder kostbaar dan het ziekenhuis..

Vanuit de eerstelijnszorg wordt ongeveer vijf procent doorverwezen naar specialistische hulp. Daarvan zou de helft in de eerste lijn kunnen blijven met een samenwerking in de anderhalvelijnszorg. Dat kan landelijk gezien zomaar een paar miljard euro schelen.

Steeds meer diagnoses en kleine handelingen zullen in de toekomst thuis of dichtbij uitgevoerd kunnen worden. De combinatie van ICT, foto’s, digitale diagnosetechnieken en apparaten zal stimuleren dat de gang naar het ziekenhuis minder gaat worden. Toch blijft de behoefte om de dokter dichtbij te kunnen raadplegen.

Er zijn verschillende vormen mogelijk om anderhalvelijnszorg te realiseren. Je kunt daarbij denken aan bijvoorbeeld specialisten die een aantal uren samen met huisartsen in huisartsenpraktijken spreekuur houden of samenwerken met de specialisten ouderengeneeskunde werkzaam in verpleeghuizen.

Dit kan in combinatie met  het zogeheten ELV, of te wel eerstelijnsverblijf. Dit betekent dat patiënten na een  specialistische ingreep, voordat zij naar huis kunnen gaan, kunnen aansterken op een speciale afdeling van het verpleeghuis.

Het CDA heeft over het bovenstaande contact gezocht met de christelijke zorgorganisatie Norschoten in Barneveld.  In een gesprek met de  raad van bestuur van Norschoten, mevr Karin Breuker,  werd  duidelijk dat er ook vanuit Norschoten nagedacht wordt om  bepaalde delen van de zorg anders te organiseren. Bij  Norschoten is al een spreekuur centrum aanwezig van het ziekenhuis  Gelderse Vallei; wellicht zijn er mogelijkheden tot uitbreiding van de samenwerking met Norschoten. Norschoten zelf beschikt over een specialistisch kennis- en behandelcentrum (Specialisten ouderengeneeskunde, basisartsen, psychologen, fysiotherapeuten, logopedisten, ergotherapeuten, maatschappelijk werk, diëtisten, muziektherapeut)  gespecialiseerd in ouderenzorg en revalidatie en beschikt over een uitgebreide revalidatieafdeling.  Hier verblijven patiënten na behandeling in het ziekenhuis voor revalidatie waarna ze weer naar huis kunnen.

Het CDA verwacht dat het in de toekomst mogelijk  is dat patiënten uit de eerste lijn voor behandeling en kort verblijf niet naar het ziekenhuis in Ede of Amersfoort hoeven, maar mogelijk ook tijdelijk in Norschoten terecht kunnen.

Een buurtziekenhuis achtige omgeving zou mogelijk gemaakt kunnen worden. In een dergelijk centrum zouden ook eenvoudige specialistische ingrepen gedaan kunnen worden door medisch specialisten uit de omliggende ziekenhuizen.

Dat in een behoefte kan worden voorzien om een stukje tweedelijnszorg naar Barneveld te halen wordt bevestigd door onder andere gemeenten als Amsterdam, Ridderkerk, Drachten en Maastricht waar men dit al in de praktijk toepast, dit  tot grote tevredenheid van de aanbieders van zorgverlening en de zorgverzekeraars. Wij denken vanuit de patiënt,  zorg dichtbij is beter, mits goed georganiseerd. Onderzoek is wel noodzakelijk om de kansen en samenwerkingsmogelijkheden in kaart te kunnen brengen en tot een gedegen antwoord te komen of een anderhalve lijnscentrum te realiseren valt in Barneveld.

Werkgroep zorg CDA Barneveld:

Roel van den Broek, gemeenteraadslid

Eppie Fokkema

Kees van der Werf

 

In het verlengde van deze notitie hebben wij een aantal vragen gesteld aan het college met de oproep om anderhalvelijnszorg  mogelijk te maken in Barneveld.

 

-Is het college het met ons eens dat het organiseren van anderhalvelijnszorg gewenst is en toegevoegde waarde heeft voor onze inwoners?

-Kunt u het met ons eens zijn dat bijvoorbeeld Verpleeghuis Norschoten een mooi uitgangspunt zou vormen voor een anderhalvelijnscentrum?

-Bent u bereid in uw bestuurlijke overleg wonen, zorg en welzijn het nut en noodzaak van anderhalvelijnszorg te bespreken– Bent u bereid om onderzoek naar de breedte van het aanbod, de toegevoegde waarde en de haalbaarheid van een anderhalve lijnscentrum te initiëren en daarbij de samenwerking te zoeken tussen ziekenhuizen, verpleeghuizen, huisartsen en de zorgverzekeraar?