Een belangrijk onderwerp. Dit vraagstuk – hoe gaan we om met de afsplitsingen – vraagt van de raad een duidelijke stellingname. In navolging van de Tweede Kamer, maken we een statement, en maken we duidelijke beslissingen als het gaat om afsplitsing van raadsleden. Democratisch gezien een belangrijke, maar ook zorgvuldige afweging.

Met de griffier en burgemeester heeft het presidium gesproken over deze kwestie. Een afspraak hierover maken leek ons als CDA belangrijk. Dit ligt nu dan ook voor.

In de commissievergadering twee weken geleden werd er nog gezegd: ‘Er hebben zich nog niet echt problemen voorgedaan, dus in hoeverre moeten we hier iets aan doen?’ Die vraag heeft mij nog wel een tijdje beziggehouden, maar ben er wel van overtuigd geraakt dat het goed is om dit van te voren – aan de voorkant – goed te regelen. Voorkomen kunnen we het niet, maar ontmoedigen wel. We kunnen hier nu als raad, formeel, uitspreken wat we vinden van afsplitsingen en daar duidelijke consequenties aan verbinden. Belangrijk en goed op dit nu te doen.

Wat ons betreft is de belangrijkste consequentie: een afsplitsing is niet bij voorbaat een nieuwe fractie. Het wordt geen fractie genoemd, maar een groep, waarbij er vooral de individuele rechten blijven bestaan. Eigenlijk een helder stuk met duidelijke en terechte regels. Toch zijn er twee dingen waar we nog extra aandacht aan willen geven en waar we als fractie veel over na hebben gedacht. Dit naar aanleiding van de commissievergadering.

Artikel 5, lid 3; ruimte voor de raad.

In discussies over dit onderwerp kom je al snel in een ‘wat als’ discussie. En laat ik helder zijn; we weten natuurlijk niet wat de toekomst brengt. Bij een afsplitsing is het te verwachten dat in veel gevallen het bestuur beslist wie de echte fractie is en wie door gaat als groep. Dit is ook in de toelichting te lezen. Het kan echter voorkomen dat dit niet duidelijk is. In dat geval kan de raad uiteindelijk het besluit nemen. Een goede uiterste maatregel, maar we hopen als CDA dat dit niet hoeft te gebeuren.

Als tweede punt. De agendacommissie. De moeilijkste voor ons was en is de uitsluiting voor agendacommissie. Een terecht punt dat door de VVD in de commissievergadering werd ingebracht. Een belangrijk onderdeel van dit raadsvoorstel is; bij afsplitsing van een persoon of groep, zijn individuele, volksvertegenwoordigende rechten van toepassing (zie in het voorstel bij argumenten 1). Dit heeft de directe consequentie dat de huidige fractierechten – deel uitmaken van alle commissies – hier niet bij horen (zie argumenten 2, los van de raadscommissies). Wat het CDA betreft een consequente lijn. Agenderen blijft mogelijk vanuit de raad en de agendacommissie dient hier vanzelfsprekend naar te luisteren. Dit voorstel en de vraagtekens die hierbij zijn gezet heeft echter voor ons wel het nodige nadenken opgeleverd. In hoeverre is dit nu echt zo’n belangrijke uitsluiting.

Het agenderen is een individueel recht voor iedere volksvertegenwoordiger en koesteren we. Als wij vinden dat afgesplitste lid geen fractie is, maar een lid, dan horen daar alleen individuele, volksvertegenwoordigende rechten bij. En lid zijn van de agendacommissie is geen volksvertegenwoordigend recht, maar een organisationele keuze die wij als gemeente zelf hebben ingekleurd d.m.v. het betrekken van raadsfracties. Gemeenten kleuren dit verschillend in.

Voor ons is het dus vooral een beslissing met zicht op een consequente lijn. Wie A zegt, moet ook B zeggen: Als we vinden dat een afgesplitst lid geen fractie is, maar een lid, dan resteren alleen de individuele, volksvertegenwoordigende rechten.

Rest mij nog om mijn bijdrage af te sluiten. Het is goed om hier met elkaar over te spreken en ook afspraken over te maken. Laten we gaan voor in ieder geval vier jaar, met zeven partijen.

Daan de Vries

Fractievoorzitter CDA Barneveld